Wedstrijdverslag

Zaterdag 21 september om 01::15 uur
3

Roosendaal JO15-3

1
JEKA JO15-3
Bux Pijnenburg

Toch nog ontdooid na graadje Antarctica

Geschreven op: 27 september 2019
Rolf Finders

door: Rolf Finders

Wie zaterdag in de rust een foto had gemaakt van onze kleedkamer op het Roosendaalse sportpark Hulsdonk, die had de Zilveren Camera gewonnen. Dit was Jiskefet in één beeld gevangen.

We deelden ons omkleedhok onder de hoofdtribune met een ander team dat nog aan zijn wedstrijd moest beginnen. Wij hadden al één helft gespeeld, maar we waren nog niet begonnen. We deden niet mee. Het was 2-0. Slechts 2-0. Het had al 5-0 kunnen staan. Meer zelfs. Gevoelstemperatuur in de kleedkamer: graadje Antarctica bij onze spelers. En minstens graadje Egypte bij het team dat nog moest gaan spelen. Daar hadden ze de grootste lol en het hoogste woord. Bij ons werd er wat binnensmonds gemompeld, maar vooral gezwegen. Koppies omlaag, bijna op de schoenen. Blik op oneindig en zwaar onweer.  

Dat beeld, in één kleedkamer, van vreugdevolle verwachtingen en doffe ellende was een prachtfoto waard.

Ik vroeg de stuiterende adrenaline adhd-boys van het andere team of ze even wat rustiger konden zijn. Onze trainer probeerde iets uit te leggen. Dat kost namelijk al moeite genoeg in een kleedkamer die alleen van ons is. Zie het voor je. Veertien puberende boys die een kansloze eerste helft hebben gespeeld. Die beginnen te klagen. Die niet willen luisteren. Die met het plastic bekertje waar ze slappe ranja uit hebben gedronken, beginnen te klooien. Dat bekertje helemaal ontleden, kapot maken, zoals ze dat eigenlijk met hun tegenstander moeten doen. Dat geluid. Krak, krak, kraak, kraak, knisper, knisper. Als je als coach aan het woord bent en nog probeert te redden wat er te redden valt, dan zou je ze het liefste met een kan ranja om de oren slaan. Maar ja, dan moet je straks met 5 man terug het veld in. Dat schiet niet op.

Dus probeer je als leidinggevende van een talentvol, maar mentaal zeer kwetsbaar gezelschap, toch nog ergens een gevoelige snaar te vinden waar nog een beetje muziek in zit. Lucas voor de tactische aanwijzingen, ik voor wat peper in de reet. ,,Wat gaan we nu doen? Gaan we dadelijk terug het veld in om ons vervolgens te laten afslachten? Dan kun je net zo goed in de kleedkamer blijven. Of gaan we er nog iets van proberen te maken? Spelen we tegen een wereldploeg? Of valt dat wel mee? Ja, ze zijn fysiek sterker, maar kunnen ze ook echt heel veel beter voetballen dan ons? Nee. Dat kunnen wij best heel goed. Laat het dan ook zien. Speel die bal rond. Speel het positiespel dat we kunnen spelen. Ga tikken. Blijf uit de duels. En geloof ergens in. Het is pas 2-0. Dat is een meevaller. Dat kunnen we ombuigen als we willen. Willen we dat?”

Je hoopt dan op een massaal: Jaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaa!

Maar op een paar knikjes na, bleef die schreeuw uit. Tot zover mijn invloed…

Het deed me terugdenken aan mijn tijd als jeugdvoetballer bij Wilhelmina 08 uit Weert. Gelukkig stond ik meestal aan de goede kant van de score, omdat ik eigenlijk jaarlijks in het beste team speelde. Niet dat ik tot de beste spelers behoorde, zeker niet, maar met hard werken kun je een heel eind komen. Ook wij speelden soms tegen ploegen die we volledig wegvaagden. En nu pas, op 55-jarige leeftijd, coach van JEKA 015-3, vraag ik me af wat de trainers van de tegenpartij dan in de rust zeiden. Zo speelden we ooit in de D-jeugd tegen D.E.S.M uit de wijk Moesdijk in Weert. D.E.S.M. stond voor Door Eendracht Sterk Moesdijk. Wij, jongens van de stad, net als de JEKA-boys, doopten die afkorting om in Domme Ezels Schieten Mis. Het werd 18-0. De Domme Ezels schoten niet eens. Ondanks de peptalk van hun trainer bij een 8-0 ruststand. Onze spits rammelde er tien binnen. Ik, rechtsbuiten, net als mijn zoontje nu, gaf de ene na de andere assist. We werden kampioen.

Dat worden wij niet. Die voorspelling durf ik wel aan. Maar we worden ook zeker niet laatste. Daar hebben wij te goede spelers voor. Alleen is het nog geen team. Alhoewel… Want ook al bleef die schreeuw in de kleedkamer uit, iets van de woorden van trainer en coach waren toch nog een beetje ingedaald in de puberbreinen waar de hersenkwab nu eenmaal niet altijd de informatie als een spons opzuigt. Of wel opzuigt, maar niet verwerkt. We gingen tikken. We gingen combineren. We bewogen! We speelden ineens voetbal in plaats van ‘ren-je-rot-achter-de-tegenstander-aan.’ De spelers van Roosendaal waren op hun eigen sportpark de weg kwijt. Peerden de bal lukraak naar voren. Wat gebeurde hier? Hun trainer werd wat nerveuzer en hun toffe grensrechter met wie ik geanimeerde gesprekken voerde over hoe lastig het is om deze leeftijdscategorie te begeleiden, gaf ons complimenten. Helaas maakten we één foutje met uitverdedigen waardoor het toch 3-0 werd.

Maar we zaten nog steeds lekker in de wedstrijd en sloegen ook terug. De prachtige pass was van de Dusan Tadic van ons team, Jasper Jonk. (Sorry Jasper, ik weet dat je als PSV-fan liever hoort dat ik je vergelijk met Steven Bergwijn, Donyell Malen of Mohamed Ihattaren, maar zo slecht is die Tadic nu ook weer niet….). Bux zette het op een lopen. En als onze Boom Boom Bux begint te rennen, dan ben je hem na één keer knipperen met je ogen kwijt. Zoals de back van Roosendaal. De keeper kwam eruit, Bux keek, richtte en schoot de bal feilloos tegen de touwen: 3-1. Mooi. Paniek in de Roosendaalse tent. Nog dertien minuten. En ja, het had nog zelfs 3-2 kunnen worden toen onze Tadic werd weggestuurd. Helaas sprong de bal net te ver van zijn voet, waardoor hij niet aan afronden toekwam.

We verloren. Maar de tweede helft eindigde dus gewoon in 1-1. Als we de wedstrijd met die instelling en dat geloof waren begonnen, dan…. Maar ja, als telt niet. Die wijsheid heb ik vroeger al van mijn Amsterdamse vriend geleerd. Die zei: ,,Als mijn tante kloten had, was het mijn oom geweest.” Toen ik zijn tante zag, dacht ik: weet je wel heel zeker dat dit je tante is...?

Maar we toonden wel ballen na rust. Als we nu ook eens echt gaan ballen, dan hoeven we straks niet meer te balen. Als we gaan geloven in wat we kunnen, als we voor elkaar willen werken, positief blijven coachen en ook de trainingen eens wat serieuzer nemen en niet louter zien als een speel- en klierkwartiertje, dan komt die eerste zege er echt aan. En dan weet ik zeker dat er wél keihard ‘Jaaaaaaaaaaaaaaaaaaaaa!’ wordt geroepen. Of, zoals de jeugd van tegenwoordig dat in perfect  Nederlands waarschijnlijk schreeuwt: ‘Yeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeeees!’

En dan zwijg ik.
 
Rolf Finders
Voetbalvader

 
 

Galerij

Reacties

Dit wedstrijdverslag heeft nog geen reacties.

R.K.V.V. JEKA
Sportcomplex "Tussen de Leijen"
Beukenlaan 21
4854 TA Bavel

Ledenadministratie
Agnes Wiegers
ledenadministratie@rkvvjeka.nl
 
Correspondentie-adres
r.k.v.v. JEKA
Willem Alexanderstraat 19
4811 PZ Breda
secretariaat@rkvvjeka.nl

meer contact info >>>

Ontvang de JEKA nieuwsbrief

r.k.v.v. JEKA

Copyright © R.K.V.V. JEKA 2015. Alle rechten voorbehouden.